Seksuele problemen

 

Seksuele problemen zijn heel divers. Hieronder worden een aantal veelvoorkomende seksuele klachten beschreven. Mocht de klacht die u heeft echter niet worden genoemd, dan kunt u alsnog contact opnemen om te kijken of er een behandeling geboden kan worden.

Wanneer de seksuele problematiek zich binnen een relatie voordoet, wordt doorgaans ook naar de dynamiek binnen uw relatie gekeken en de interactiepatronen tussen u en uw partner. Het betrekken van uw partner bij de therapie is meestal geen voorwaarde, maar wordt vaak wel gevraagd omdat dit de behandeling ten goede kan komen. Als uw behandelaar het belangrijk vindt dat uw partner naar de behandelgesprekken meekomt, zal dit uiteraard eerst met u besproken worden.

Indien u last heeft van seksuele problematiek of geïnteresseerd bent in een behandeling die zich richt op het snijvlak van seks en relatie, neem dan gerust contact op. Jolien Spoelstra is bij de NVVS geregistreerd als seksuoloog en opgeleid tot EFT-relatietherapeut. Via de website van de Nederlandse Wetenschappelijke Vereniging voor Seksuologie, de NVVS, en de website van de Stichting EFT Nederland kunt u ook meer informatie vinden.

Pijn bij het vrijen

Wanneer iemand last heeft van pijn bij het vrijen wordt dat ook wel ‘dyspareunie’ of een ‘genitopelviene pijnstoornis‘ genoemd. Pijn bij het vrijen komt het meest voor bij vrouwen, maar ook mannen kunnen pijnklachten tijdens de seks ervaren. Vaak ontstaan de klachten doordat iemand moeite heeft om zich goed te ontspannen of doordat iemand niet opgewonden genoeg is. Soms is een lichamelijke klacht de oorzaak van de pijn. Hierbij kan gedacht worden aan ontstekingen of infecties, een SOA, littekenweefsel na een bevalling, verzakking van de baarmoeder, e.d. Een veel voorkomende lichamelijke oorzaak van pijn bij het vrijen is Vulvair Vestibulitis Syndroom, ook wel VVS genoemd. Dit kenmerkt zich door een schrijnende pijn bij de ingang van de vagina, waarbij vaak rode of schrale plekjes te zien zijn.

Het is belangrijk een lichamelijke oorzaak van de pijnklacht uit te sluiten alvorens een seksuologische behandeling te starten. Het kan dan ook zijn dat uw behandelaar u eerst terug naar uw huisarts of rechtstreeks naar een gynaecoloog of uroloog verwijst. Soms wordt ook een bekkenfysiotherapeut bij de behandeling betrokken. Uw behandelaar kan u over alle opties informeren.

Vaginisme

We spreken over vaginisme, ook wel ‘penetratiestoornis‘ genoemd, wanneer het niet of niet geheel lukt om bijvoorbeeld een penis, vinger, speculum of tampon in de vagina in te brengen. Dit komt meestal doordat de bekkenbodemspieren te gespannen zijn en deze de ingang van de vagina als het ware dicht drukken. De bekkenbodemspieren kunnen zich sterk aanspannen wanneer iemand veel stress ervaart, negatieve gedachten heeft over seks (bijvoorbeeld ‘seks is vies’, ‘penetratie mag niet’) of een traumatische seksuele ervaring heeft meegemaakt. Ook pijn bij het vrijen kan uiteindelijk tot vaginisme leiden. Wanneer u pijn ervaart bij het vrijen, is de kans groot dat u op termijn angstig wordt voor een pijnlijke ervaring wanneer u wilt gaan vrijen. Door de angst worden de bekkenbodemspieren aangespannen en zo kan vaginisme ontstaan.

Voordat een seksuologische behandeling wordt opgestart is het belangrijk eerst een lichamelijke oorzaak uit te sluiten. Bovendien wordt bij een seksuologische behandeling van vaginisme vaak samengewerkt met een bekkenbodemfysiotherapeut. Dit is een fysiotherapeut die gespecialiseerd is in de bekkenbodemspieren en u kan leren deze spieren goed te ontspannen.

Erectieproblemen

Er is sprake van een erectiestoornis, wanneer iemand moeite heeft met het krijgen of houden van een erectie tot het einde van de vrijpartij. Ongeveer 15 procent van alle mannen ouder dan 18 jaar heeft erectieproblemen. Hoe ouder u wordt, hoe groter de kans om erectieproblemen te krijgen. Erectieproblemen kunnen ontstaan door lichamelijke problemen of ziekten. Hierbij kunt u denken aan zenuwbeschadigingen na rug-, buik- of prostaatoperaties, hersenziekten of hersenbeschadigingen, suikerziekte, hart- en vaatproblemen, hoge bloeddruk, e.d. Ook het gebruik van alcohol, drugs en bepaalde medicijnen, zoals antidepressiva, kunnen tot erectieproblemen leiden.

Andere belangrijke oorzaken van erectieproblemen zijn psychische en relationele problemen. Wanneer mannen veel stress ervaren tijdens de seks of er met hun gedachten juist niet bij zijn, lukt het niet altijd om een erectie te krijgen of om deze te behouden. Wanneer het een keer niet lukt om een erectie te krijgen of te behouden, worden mannen vervolgens vaak onzeker. Hierdoor kunnen ze last krijgen van negatieve gedachten, zoals ‘wat zal mijn partner van mij vinden als het weer niet lukt?’ of ‘als het dit keer maar wel goed gaat!’. Omdat dit geen opwindende gedachten zijn, wordt het moeilijk een erectie te krijgen of zal de erectie tijdens de seks opnieuw afnemen.

In sommige gevallen kan medicatie, zoals Viagra of Cialis, een uitkomst bieden. Vraag voor gebruik altijd eerst uw behandelend arts om advies.

Problemen rond klaarkomen

Bij voortijdige ejaculatie, ook wel ‘ejaculatio praecox‘ genoemd, zien we dat mannen veel eerder klaarkomen dan ze willen en hier last van hebben. Vaak komen mannen die aangeven dat ze te snel klaarkomen al voor de penetratie klaar of vlak daarna. Penetratie duurt dan meestal niet langer dan één of twee minuten en er wordt weinig tot geen controle over het klaarkomen ervaren. Een seksuologische behandeling kan de klachten doorgaans verminderen. Ook een licht verdovende crème of medicatie kan soms uitkomst bieden. Uw huisarts of uroloog zou u over deze laatste twee opties kunnen adviseren.

Soms komen mensen niet te snel klaar, maar juist te langzaam. We spreken van een vertraagde ejaculatie wanneer iemand moeite heeft om klaar te komen of wanneer het niet altijd lukt om een orgasme te bereiken, ondanks adequate stimulatie en voldoende seksuele opwinding. Bij vrouwen wordt deze klacht een ‘orgasmestoornis‘ genoemd. De meeste vrouwen komen moeizaam of niet klaar tijdens penetratieve seks. Zij hebben veelal directere stimulatie van de clitoris nodig om een orgasme te kunnen bereiken. Wanneer het een vrouw niet lukt om klaar te komen tijdens penetratie, maar wel bij andere adequate seksuele stimulatie spreken we daarom niet van een orgasmestoornis.

Minder zin in seks

‘Veel’ en ‘weinig’ zijn relatieve begrippen en betekenen voor iedereen iets anders. Wanneer u eenmaal per week seks wil en uw partner eens per maand, dan zal uw partner wellicht zeggen dat u veel zin in seks heeft. Maar wanneer u een andere partner heeft die vier keer per week seks wil, zal deze wellicht vinden dat u weinig zin in seks heeft. Uw therapeut zal over het algemeen geen uitspraak doen over wat te weinig of te veel zin in seks is. Wanneer u en uw partner tevreden zijn, is het goed.

Echter, mensen met een verminderd verlangen hebben minder zin in seks dan voorheen of hebben soms helemaal geen zin meer in seks, terwijl ze dat eerder wel hadden. Bij mannen wordt een verminderd verlangen ook wel ‘hypoactief-seksueelverlangenstoornis‘ genoemd en bij vrouwen een ‘seksuele-interessestoornis’ of ‘opwindingsstoornis‘. Dit kan relatieproblemen tot gevolg hebben, maar relatieproblemen kunnen ook de oorzaak van deze klacht zijn. Ook druk zijn met andere bezigheden (kinderen, een nieuwe baan, een ziek familielid, e.d.), het seksleven niet meer opwindend vinden, medicijngebruik of een lichamelijke ziekte kunnen een verminderd seksueel verlangen tot gevolg hebben.

Te veel zin in seks

Wanneer de zin in seks juist sterk toegenomen is of u het gevoel heeft de controle over uw seksuele gedrag kwijt te zijn, kan er sprake zijn van ‘hyperseksualiteit’ of een seksverslaving. Hoewel de term seksverslaving vaak wordt gebruikt, is het geen officiële diagnose.

Wanneer we spreken van een seksverslaving geeft het seksuele gedrag op de korte termijn meestal enige bevrediging, maar heeft het op de lange termijn vaak overwegend negatieve gevolgen. Hierbij kan gedacht worden aan relatieproblemen, problemen op het werk, risico’s voor uw gezondheid of problemen met justitie. Ook neemt het gevoel van eigenwaarde in de loop van de tijd meestal sterk af. Een behandelmethode die dan vaak wordt toegepast, wordt het ‘Vat van Zelfwaardering’ genoemd. Jolien Spoelstra is getraind in het toepassen van deze behandelmethode. Via de website Vat van Zelfwaardering is meer informatie te vinden.

Problemen rond seksuele oriëntatie

Er is een grote verscheidenheid aan seksuele oriëntaties. Vaak wordt er onderscheid gemaakt tussen heteroseksualiteit, homoseksualiteit, biseksualiteit en panseksualiteit, maar allerlei tussenvormen zijn mogelijk. Wanneer we het over een ‘seksuele oriëntatie’ hebben, hebben we het niet over een stoornis. Toch kunnen mensen er wel last van hebben. Soms hebben mensen moeite om hun seksuele oriëntatie te accepteren of heeft hun omgeving daar problemen mee. Een behandeling kan er dan op gericht zijn om u te helpen een beter beeld te krijgen van uw seksuele oriëntatie en hoe u uw (seksuele) leven wilt vormgeven. Ook kan er gewerkt worden aan acceptatie van uw gevoelens of aan het beter om kunnen gaan met een gebrek aan acceptatie uit uw omgeving.

Wanneer er sprake is van ‘aseksualiteit’ ervaren mensen geen seksuele aantrekking naar anderen toe. Ook hierbij kunnen acceptatieproblemen een rol spelen. Bovendien hebben mensen die zichzelf als aseksueel definiëren vaak wel behoefte aan een relatie, alleen niet aan seks met een ander, wat weer tot relatieproblemen kan leiden.

Meer informatie over aseksualiteit is te vinden via de website van het Aseksueel Voorlichtings- en Educatie Netwerk, of kortweg AVEN.

Genderdysforie

Wanneer er sprake is van genderdysforie, ook wel een ‘genderidentiteitsstoornis‘ genoemd, ervaart u een sterk gevoel van onbehagen ten aanzien van uw biologische geslacht. Soms is dit onbehaaglijke gevoel heel sterk en gaat het samen met de wens om het lichaam aan het gewenste geslacht aan te passen. Dit kan bijvoorbeeld door middel van een hormoonbehandeling en/of een geslachtsveranderende operatie. Hiervoor kunt u zich in Nederland aanmelden bij het Kennis en Zorgcentrum voor genderdysforie VUmc in Amsterdam en het Groninger Genderteam UMCG. Er is echter een lange wachtlijst en u moet doorgaans eerst een uitgebreid diagnostisch traject doorlopen.

Veel mensen die last hebben van genderdysforie hebben moeite om hun gevoelens te accepteren of hun omgeving geeft aan daar problemen mee te hebben. Bovendien weten ze vaak nog niet of ze uiting willen geven aan hun gevoel van onbehagen of hoe ze dat zouden willen doen.  Een behandeling kan er dan op gericht zijn u te helpen om meer inzicht te krijgen in wat u voelt en wilt. Ook kan een behandeling helpen om uw gevoelens te accepteren of om beter om te gaan met een gebrek aan acceptatie uit uw omgeving.

Via de website van het Kennis en Zorgcentrum voor Genderdysforie van het VUmc in Amsterdam, vindt u meer informatie over genderdysforie en wat er mogelijk is op het gebied van hormoonbehandelingen en geslachtsveranderende operaties. Op de website van Transvisie kunt u eveneens veel informatie vinden en folders downloaden. Bovendien kunt u via Transvisie begeleiding aanvragen en in contact komen met lotgenoten.

Seksuele problematiek door een lichamelijke oorzaak

Zoals hierboven al genoemd is, kan een lichamelijke klacht of ziekte de oorzaak zijn van seksuele problematiek. Soms kan de lichamelijke klacht of ziekte behandeld worden, waardoor de seksuele problematiek afneemt of verdwijnt. Echter, wanneer de lichamelijk problemen moeilijk of niet te behandelen zijn, kan een seksuologische behandeling u helpen om beter met de gevolgen om te gaan en uw seksuele leven opnieuw vorm te geven ondanks uw lichamelijke beperkingen.

Enkele lichamelijke klachten of ziekten die seksuele problematiek als gevolg kunnen hebben, zijn: SOA’s, huidziekten zoals Lichen Sclerosus, de ziekte van Peyronie (kromstand van de penis), incontinentieklachten, verzakking van de baarmoeder, lichamelijke klachten na zwangerschap of bevalling, darmklachten zoals de ziekte van Crohn, suikerziekte, hart- en vaatziekten, kanker, reumatische aandoeningen en artrose, rugklachten, zenuwbeschadigingen, hersenziekten of hersenbeschadigingen, spierziekten, chromosomale afwijkingen zoals bij het syndroom van Turner of het syndroom van Klinefelter, e.d.